Posts tonen met het label in-lineskating. Alle posts tonen
Posts tonen met het label in-lineskating. Alle posts tonen

woensdag 1 januari 2014

Wordt 2014 een jaar in beweging?


De traditie vraagt dat er op 1 januari goede voornemens worden gemaakt. Daar ga ik me niet aan laten vangen, het is té vaak Het Lijf dat het laatste woord heeft.

Wat ik wél ga opstellen, is een bewegingslijstje. Een soort van wenslijstje van activiteiten voor 2014. Hier komen ze!

Wandelen


Ach, wandelen… Wandelen is de basis van alles voor mij. Helaas want ik heb er een haat/liefdeverhouding mee.  Ik vind wandelen als “beweging” beschouwen nogal… onnozel. Nochtans is op sommige dagen zelfs een beetje wandelen al te zwaar geweest. De huisarts heeft me meermaals moeten aansporen om te blijven wandelen, al was het maar een tochtje van tien minuten. Wat ik dan weer helemààl onnozel vind, mijn wandelschoenen aantrekken voor een wandeling van tien minuten, ben je gek?! 

Toch heb ik in 2013 vaak gewandeld. Korte tochten, héél korte tochten, soms in gezelschap maar meestal alleen. Op de lange leste leerde ik wandelen aanvaarden, ik heb intussen enkele vaste toertjes en soms verlang ik er gewoon naar om die wandelschoenen aan te trekken, zin in een frisse neus. Op werkdagen kan ik nooit wandelen, de dagen na de Brusseldagen alleen als ik snel genoeg heb kunnen recupereren. Vaak slaap ik na mijn wandeling. Wandelen is voor mij leren kijken en leren meeleven op de seizoenen geweest. Ik had al twee keer het voorrecht om reeën te ontmoeten. Twee keer was ik oprecht ontroerd, het zijn zo’n prachtige, sierlijke dieren. Hopelijk blijven ze nog lang uit de handen van de jagers!

Het ligt voor de hand dat ik in 2014 zal blijven wandelen, ik ben er vanochtend trouwens mijn jaar mee gestart. Ondanks het luide protest van Het Lijf, moest en zou ik op deze nieuwjaarsdag de velden in trekken. Wat vogeltjes onderweg en een hond die lag te rollebollen in de ochtendzon, voor de rest heb ik geen levende ziel gezien. Bij thuiskomst nog een uurtje bedje in, dat hoort er momenteel helaas ook nog bij. 

Als ik mag dromen, zou ik het wandelen thuis willen vervangen door iets “actievers”. Wat dat is, volgt hieronder. Als wandelen de enige activiteit binnen mijn kunnen blijft, hoop ik dat ik wat langere afstanden mag wandelen op termijn. Mijn bereik is momenteel drie kilometer op een quasi vlakke ondergrond op goede dagen. Dat mag wat meer worden.
Als ik verder mag dromen, ben ik opnieuw aan het werk én heb ik over de middag terug energie voor een stadswandeling. Ik heb de voorbije jaren Brussel mogen ontdekken aan de zijde van een fantastische gids. En ik heb nog lang niet alles gezien!

Fietsen




2013 werd het jaar dat ik bekeerd kon worden tot de elektrische fiets. Mentaal een grote stap. Een hele grote stap. Ik had daarbij een duwtje in de rug van Mijne Ridder nodig. Het is pas wanneer ik merkte dat ik op goede dagen elektrisch wel fietstochtjes kon maken met het gezin dat ik echt overstag ging.

In 2014 hoop ik de elektrische fiets terug te kunnen brengen naar de rechtmatige eigenares en over te kunnen stappen naar De Ludo. En indien niet… misschien op zoek naar een eigen (tweedehands) elektrische fiets…? 

Verder hoop ik opnieuw een aanvaardbaar fysiek niveau te bereiken (niveau september 2013 zou mooi zijn) zodat we als gezin in de zomermaanden terug korte fietstochtjes kunnen maken. 

Zwemmen



Toch hoop ik in 2014 het zwemmen terug op te nemen. In een light-versie dan. 100 meter in plaats van 1000. Ook al zeurt Het Hoofd dat 100 meter niet de moeite is op dat badpak aan te trekken... De kinderen zouden het hernemen van het zwemmen in ieder geval toejuichen, vooral Onze Oudste. Zij ziet nog zelden de binnenkant van een zwembad omdat de leerlingen in haar school niet gaan zwemmen.

Hardlopen


Ook hier heb ik jàààren een haat/liefdeverhouding mee gehad. Tegen mijn goesting die loopschoenen aangetrokken, telkens opnieuw. Het genieten van het gevoel achteraf én de ervaring dat mijn conditie er snel van groeide, hielden me gemotiveerd. De klik kwam enkele maanden vóór ik ziek werd. Toen ging het hardlopen ineens vanzelf, ik snakte er zelfs naar, kocht in een speciaalzaak aangepaste loopschoenen, begon zelfs stiekem te dromen om mijn jeugddroom (de 20 km van Brussel kwam voorbij onze voordeur) waar te maken. Vaak vertrok ik om 22u nog voor een rondje door de lege straten. Winter, zomer, herfst, lente, zon, regen, wind, ja zelfs in de sneeuw heb ik gelopen. Heerlijk! 

Dàt hardlopen, dat ik eerst jaren zooo heb vervloekt, heb ik het hardst gemist toen ik ziek werd. Mijn hoofd leeglopen door weer en wind, ik heb er nog steeds geen alternatief voor gevonden. Ik denk dat ook de liefde voor het lopen de reden is dat ik zo laatdunkend over wandelen denk.

In 2013 kreeg ik in het Instituut voor Tropische Geneeskunde te horen dat ik het hardlopen best loslaat. En als ik toch graag wil hardlopen, zal dat waarschijnlijk niet kunnen in combinatie met werken, aldus de prof. Kiezen tussen hardlopen of werken is niet echt een keuze. Jawel, het is een keuze, maar niet echt een eerlijke.

Voor 2014 wens ik mezelf een alternatief voor het hardlopen, iets waarin ik mezelf kan uitleven, waarbij ik mijn hoofd kan leegmaken, als het kan het liefst in de buitenlucht.

Inline-skaten


Wat kan ik zeggen? De leste is den beste. Ik ben er zot van, van dat inline-skaten. Een remcursus ten spijt ben ik nog steeds geen grote durver, ik ben telkens ingepakt met beschermmateriaal alsof ik zware stunts ga ondernemen, maar kan toch zo genieten van die wieltjes onder mijn voeten. In 2013 heb ik één keer mijn inline-skates aangetrokken. Puur genieten was het. Achteraf gezien heb ik overdreven en ben te diep gegaan op dat moment. Leergeld, die fout zal ik niet meer maken.

Want in 2014 wil ik het opnieuw proberen. Als ik het fysieke niveau van september 2013 opnieuw kan halen én stabiliseren, haal ik de inline-skates van onder het stof. Deze keer zal ik beredeneerder te werk gaan: enkel een heen-rit (Mijne Ridder moet me aan het eindpunt maar komen ophalen, hihi!), op het gemak en met de wind mee. Ik heb fysiek nog een lange weg te gaan, maar is het vreemd dat ik er nu al naar uit kijk…?


En verder…?


Tja, wie weet wat kruist er in 2014 nog mijn pad... Ik sta er in elk geval voor open!

zaterdag 5 oktober 2013

Een week op wieltjes.


Zondagochtend is het, tegen de voorspellingen in, prachtig weer. Droog weer, blauwe lucht, de ideale omstandigheden om acht kleine wieltjes onder m’n voeten te binden!



Over de locatie hoef ik niet lang na te denken. Op vijf minuutjes (elektrisch) fietsen ligt een zalig asfaltje op mij te wachten. Ik parkeer de fiets aan het station en wandel naar het verkeersvrije fietspad naast de treinroute. Vooraleer ik me in mijn in-lineskates en veiligheidsoutfit hijs, controleer ik snel of er niet te veel modder op het asfalt ligt. Het fietspad ligt in de velden en de tractors durven al eens moddersporen op het asfalt achter te laten. Als fietser merk je dit nauwelijks, als in-lineskater des te meer. Je kan een pijnlijke smak maken als je wieltjes achter zo’n modderklonter blijven steken. Maar vandaag ligt de weg er redelijk proper bij, ook niet te veel kiezeltjes. Ik plof neer in het gras en trek in-lineskates, knie-, elleboog- en polsbeschermers aan. Het ziet er idioot uit, maar liever dat dan weken immobiel bij een eventuele breuk! En daar ga ik. Zàààlig! Wat heb ik DIT gemist! Ondanks de wielertoeristen lukt het me om met lange slagen over de hele breedte van het pad snelheid te maken. De dochters, die me met de fiets volgen, klagen dat ik te snel rijd en ze me niet kunnen volgen. Grapjassen! Aan het brugje keer ik om. Ohlala, tegenwind! Ik maak opnieuw lange slagen en het is echt tegen de wind in beuken. Ik geniet. Opeens proef ik de wat zoutige smaak in mijn mond die erbij hoort als ik wat dieper ga. “Dit zou de revalidatiearts vast niet ok vinden,” denk ik maar ik duw de gedachte snel weg en ga door.  Aangekomen aan mijn startpunt, zie ik op Movescount dat ik nog maar zes minuten heb gereden. Onmiddellijk draai ik me om en rijd opnieuw richting brug. Heerlijk is dit! De in-lineskates zitten fantastisch. 



Ze zijn nog maar weinig gebruikt want ik had ze nog niet zo lang toen ik ziek werd. Mijn vorige paar, van het merk CCM, gaf me steeds pijnlijke voeten en vooral zere kuiten. Toen ik op zoek ging naar een meer comfortabel nieuw paar, bleek dat het merk K2 vrouwen- en mannenmodellen had. Vrouwenkuiten zijn anders dan mannenkuiten en de schoen op de vrouwenmodellen van K2 –in-lineskates is daaraan aangepast. Bij het bruggetje maak ik rechtsomkeer en met een mengeling van spijt en opluchting schaats ik opnieuw tegen de wind naar mijn beginpunt. Daar wacht ik op de rest van het gezin. Ik kruip vanachter op de fiets bij Mijne Ridder en zo rijden we, tot groot jolijt van onze dochters, met acht kleine wieltjes en twee grote wielen terug naar het station. Terwijl ik terug mijn schoenen aantrek, ondergaat de elektrische fiets een grondige testsessie. Te korte beentjes of niet, de parking wordt omgetoverd tot testparcours. Maar ik wil eigenlijk graag naar huis, het is genoeg geweest voor Het Lijf. Eens thuis kruip ik in de zetel en daar kom ik de rest van de dag niet meer uit. Maar als je me vraagt of een kwartiertje in-lineskaten een dag platliggen waard is, zegt ik volmondig “JA!”.


Maandagochtend ben ik nog altijd niet in vorm. Felix naar de dierenarts brengen, geef ik dan maar uit handen. Na de middag komt er wat leven in Het Lijf en tegen vier uur fietsen drie paar wielen naar het ijssalon. Onze Jongste heeft geen school en een hele dag aan huis gebonden is nu niet echt een verwennerij. Bij thuiskomst mogen we Felix bij de dierenarts gaan halen. Hij heeft de ingreep en verdoving goed doorstaan en is nu een jonge gecastreerde kater.

De ochtendwieltjes op dinsdag werken niet zo goed mee. Een treinstel met maar drie wagons in volle spits zorgen ervoor dat de trein overvol zit en ik rechtstaand tot Brussel spoor. Er is een tijd geweest dat zo’n start de rest van de dag hypothekeerde, maar vandaag verteert Het Lijf het rechtstaand reizen prima. De rit terug naar huis loopt wel op wieltjes, want ik heb een zitplaats op de trein en aan het station komt Mijne Ridder mij afhalen. Zoals altijd op vier wielen, maar vanavond net even anders. Andere avonden komt hij met de auto, vandaag heeft hij twee fietsen bij. Hij neemt mijn rugzak van mij over en hand in hand fietsen we naar huis.


Woensdag overvalt een prachtige zonsopgang me. In alle vroegte lijkt het of de hemel in brand staat. Prachtig! Het wordt een mooie dag en na thuiswerk en school, brengen onze wielen ons naar de Standaard boekhandel. Het nieuwe Heerlijke Hoorspel van Het Geluidshuis is uit en daar hebben onze kinderen graag een fietstochtje voor over!

Op donderdag wacht me een nieuwe uitdaging: op de fiets naar Gasthuisberg. Na een voormiddagje rustig aan doen, duffel ik me warm in vertrek om half drie met de elektrische fiets. Halfweg stop ik en trek m’n jas uit. Zelfs ik heb het veel te warm! Bij aankomst in de Gasthuisberg is het even zoeken naar de fietsenberging. En in de fietsenberging was het natuurlijk even zoeken naar een plaatsje voor de kostbare fiets. Uiteindelijk heb ik toch een plekje kunnen bemachtigen waarbij ik de fiets ergens kon aan vastketenen. Het inchecken aan het onthaal doe ik zoals altijd elektronisch met de SIS-kaart en ruim op tijd meld ik me aan bij de juiste dienst. En dan begint het wachten. In de wachtzaal staat de televisie aan, Dr. Oz levert ons zijn wijsheid. Uiteraard, want de wereld heeft meer nood aan hypochonders en zelfverklaarde dokters… Na de bloedname heb ik altijd een uurtje “vrij”. Ik installeer me in de inkomhal en de tijd tijdens het mensenkijken vliegt voorbij. Terug in de wachtzaal kruipt de tijd. Als één van de laatste patiënten kom ik aan de beurt. Als ik terug buitenstap, blijkt dat ik de laatst overgebleven patiënt ben. In een verder lege wachtzaal duffel ik me warm in en rep me naar de fietsenstalling. Het is intussen al zeven uur ’s avonds en ik zou graag voor het donker thuis zijn. Tegen mijn gewoonte in zet ik de ondersteuning van de elektrische fiets op de hoogste stand en ga er als een speer vandoor. Op de terugrit ben ik zes minuten sneller dan op de heenrit!


Vrijdag wacht me een ander paar wielen. Voor het eerst sinds lang rijd ik met de auto naar het werk. Ik ben een hele tijd nogal onzeker geweest achter het stuur nadat ik, met de kinderen op de achterbank, door het rood ben gereden. Meermaals. Gewoon te moe, te veel op automatische piloot, te moe om me te concentreren. Maar die periode is gelukkig voorbij en ik schuif geduldig aan in de file richting Brussel. Op StuBru is Michiel Vandeweert gast-DJ. Wat ’n kerel! Slechts 15 jaar, maar een indrukwekkende persoonlijkheid. En een goeie muzieksmaak! Ik rijd bijna een uur op die nog geen 30 kilometer, maar stap fit uit de auto. Na het werk ben ik taxichauffeur van dienst. We rijden naar Puurs om met een aantal collega’s de Duvelbrouwerij te bezoeken. Ik geniet enorm : van de heenrit (met DJ!), van het brouwerijbezoek, van het gezwans tijdens de bierdegustatie en van de terugrit (opnieuw met DJ!). Nergens het gevoel gekregen dat ik nu-direct-onmiddellijk moet gaan zitten, heer-lijk. De Jonge Oude ik eigenlijk.



Zaterdag komen er geen wieltjes aan te pas. ’s Ochtends ga ik met Mijne Ridder boodschappen doen. In al mijn optimisme koop ik slechts voedingswaren aan voor twee dagen. Maandag ga ik naar de diëtiste en ik hoop dat mijn menu geweldig uitgebreid gaat worden! Maar vandaag is het nog zaterdag en in de namiddag vertrek ik voor een paar uurtjes naar dromenland. Als ik wakker word, heb ik een missie. Ik moet wat zoeken en ik moet ze wat afstoffen maar wat ben ik blij om ze nog eens aan te kunnen trekken: my dancing shoes. En nu moeten jullie mij excuseren, want er is een feestje dat op me wacht!