Posts tonen met het label tai-chi. Alle posts tonen
Posts tonen met het label tai-chi. Alle posts tonen

woensdag 31 december 2014

2014. Een bewogen jaar met... weinig beweging!



"2014 wordt mijn jaar", gilde ik eind 2013. 


Ik had de perfecte agenda, ik was helemaal voorbereid. Het liep alleen niet helemaal zoals ik het gepland had…



Het Lijf

"Ermee leren leven, mevrouw" 
"Stop met zoeken naar een oplossing, mevrouw, want die is er niet" 
"We weten wat u heeft, maar de wetenschap kan u op dit moment niet helpen" 
Zes maanden galmen de woorden van de prof uit het Instituut voor Tropische Geneeskunde dagelijks door mijn hoofd. Ik heb mijn best gedaan en heb heel hard geprobeerd om zijn raad op te volgen. Ik zocht niet meer naar oplossingen, was totaal gestopt met Het Dieet.  Zes maanden lang probeer ik dagelijks mezelf in te prenten dat mijn leven zoals het nu is permanent is en dat ik dat moet aanvaarden. De blogs van Lisanne en Annelies zijn hierbij een grote steun. Beide dames zijn al jaren ziek (veel erger dan ik!) en proberen er elke dag -ondanks hun beperkingen- het beste van te maken. (ironisch genoeg kregen beide dames in de loop van 2014 te horen dat ze de ziekte van Lyme hebben en momenteel vechten ze beiden hun keiharde strijd tegen die smerige ziekte).

En toch...

Begin april hoor ik toevallig een wielrenster op tv een vaag verhaal vertellen over haar genezing en ik spits onmiddellijk mijn oren. Iets in dat verhaal spreekt me aan. Een kort zoektocht op het internet leidt me naar een arts aan de andere kant van het land. Zou ik...? Natuurlijk! De dag nadien al bel ik de praktijk van Dokter D. en ik krijg een afspraak begin juli, drie maanden later. De ban op "het stoppen met zoeken" is geheven en de weken die volgen lees ik verschillende boeken over vermoeidheid en de mogelijke oorzaken daarvan.  Fysiek verandert er geen snars, maar de goesting keert terug.

Begin juli is het eindelijk zo ver. De dag vóór de afspraak google ik de wielrenster en stel tevreden vast dat ze opnieuw koerst. Het leven van een topsportster hoeft niet voor mij, maar mijn gewone leventje zie ik wel zitten!

Er volgt een gesprek, een onderzoek en een batterij testen. Begin augustus bespreekt Dokter D. de resultaten van alle testen en zijn behandelplan met ons. Het komt erop neer dat ik lijd aan post-virale vermoeidheid (bevestiging van ITG). Het Epstein-Barr-virus is nog steeds actief. Maar er zijn ook een aantal andere stoorzenders. Die stoorzenders zorgen ervoor dat Het Lijf het Epstein-Barr-virus niet kan overwinnen. Tegen EBV bestaan geen medicijnen, je lichaam moet dat zelf overwinnen. En dat wil Dokter D. doen door mijn afweersysteem op te krikken. Het afweersysteem opkrikken wil hij doen door de andere stoorzenders aan te pakken. Die stoorzenders nemen namelijk energie weg die mijn lichaam nodig heeft om het Epstein-Barr-virus op te ruimen (volg je nog?). Het behandelplan omvat injecties, het weglaten van o.a. kleurstoffen, bewaarmiddelen, smaakversterkers uit mijn voeding, extra voedingssupplementen en tien infusen. Ook beperk ik best de inname van suiker. (na enkele weken leer ik dat suiker een voedingsbodem is voor virussen en sindsdien was het iets gemakkelijker om de suiker te laten staan. Ik wil Epstein niet extra voeden!!) Na 90 dagen zou ik echt al veel beter moeten zijn. Negentig dagen, hmmm, ik begin te rekenen, da's half november... Misschien zou ik dan eindelijk terug aan het werk kunnen...? Mijne Ridder en ik zien het helemaal zitten en de komende weken en maanden doorkruisen we wekelijks (of vaker, soms dagelijks) het land, thuis volg ik het behandelplan tot op de letter, niets wordt aan het toeval overgelaten. 

En toch.

Toch blijft beterschap uit. Ik hoor hoopgevende verhalen in de wachtzaal bij andere patiënten van Dokter D., maar mijn verbetering laat op zich wachten. Half oktober opnieuw een reeks testen, half november de bespreking. Op papier is er duidelijk verbetering, aldus Dokter D, dat ik nog geen verbetering voel, komt nog voor bij patiënten. Met een aangepast behandelplan keren we terug naar huis. Het IS half november. De negentig dagen zijn om. Ik ben intussen ook een vol jaar thuis in ziekteverlof. Het Lijf is geen haar veranderd tegenover de start van de behandeling. Alhoewel... dat is niet helemaal waar... Ik ben quasi migraineloos, heb een superzachte, gave huid en heb het lichaamsgewicht van vóór mijn zwangerschappen... Leuk, maar niet hetgeen waarop we zaten te wachten. Hier en daar duiken bij mij wat twijfels op.


De ommekeer komt er begin december. Een collega gaat met pensioen en ik ga naar het werk om mee afscheid te nemen. Het wordt een bezoek van enkele uren waar ik zwaar moet van recupereren, fysiek èn mentaal. Ik schrik enorm van de inspanningen die het me kost om de trein te nemen, om door de lange gangen van het gebouw te lopen, om van het ene verdiep naar het andere te gaan, om ergens te staan wachten. Ik word keihard geconfronteerd met mijn beperkingen en besef dat ik eigenlijk geen vooruitgang heb geboekt. Qua onderzoeken en behandeling hebben we sinds juli al het equivalent van een mooie vliegreis-voor-vier in Het Lijf geïnvesteerd en Ik.Sta.Nergens. Door die paar uur op het werk te zijn, besef ik ook opnieuw wat ik mis. Ik mis het werk verdomme. Maanden bezig geweest om mezelf te vertellen "dat het nog zo slecht niet is thuis". Ik heb gelogen, keihard gelogen tegen mezelf. Van thuiszitten word ik niet gelukkig en aan het werk gaan lijkt nu verder weg dan ooit... Als ik na een paar dagen rusten al wat langer in een verticale positie kan verblijven en drie zinnen achter elkaar kan zeggen zonder in tranen uit te barsten, bel ik Dokter D. Zijn antwoorden op mijn vragen verrassen me. En niet in positieve zin. Ik heb het gevoel dat hij me maar wat wil sussen... Intussen doorkruis ik nog steeds trouw elke week het land voor een infuus, met mijn papa als chauffeur intussen. Ook thuis volg ik nog steeds het behandelplan tot de laatste komma. Toch is er twijfel in geslopen en half december breng ik een bezoekje aan de huisarts. Dokter D. beschouwde een knobbel op mijn rib als een gevolg van reuma en gaf er een aantal injecties in. De hypochonder in mij wou toch graag een second opinion voor die knobbel aangezien kanker nogal lelijk heeft huisgehouden in de familiestamboom. De huisarts beslist om wat fotootjes te laten nemen van de knobbel (geen kanker (oef!), geen reuma (ook oef!)) en samen overlopen we de resultaten van de testen die Dokter D. deed. De resultaten die ík meebracht, want ondanks mijn uitdrukkelijke vraag aan Dokter D. om mijn huisarts op de hoogte te houden, ontving deze laatste tot op heden alleen een kort berichtje met de bevestiging dat ik in behandeling was. Bon, de testresultaten dus. De huisarts deelt het enthousiasme over "de verbetering op papier" waarover Dokter D. het half november had, niet. We overlopen samen een aantal waarden en de twijfel die ik zelf al voelde, zie ik ook bij haar. Ik weet het niet meer. Enerzijds wil ik niet te vroeg opgeven, anderzijds wil ik ook geen tijd, geld en energie investeren in een behandeling die nergens toe leidt. Er volgen enkele piekerdagen.

De woensdag na het bezoek aan de huisarts doorkruisen mijn papa en ik opnieuw het land naar Dokter D. Het geplande infuus, het twintigste (en dus het dubbele van de tien die waren vooropgesteld) zal ik nooit krijgen. Ik uit opnieuw een aantal vragen en twijfels en krijg een behoorlijk van de pot gerukt antwoord. Ik breek. De teleurstelling is groot. Zoveel hoop, zoveel verwachtingen en nu word ik met een kluitje in het riet gestuurd. Een hoop kolkende emoties, maar tussen het sluiten van de deur van de dokterspraktijk en het openen van het portier van papa's auto staat mijn besluit eigenlijk al vast: ik stop.


Het Hoofd

Een van de beste dingen die me in 2014 overkwam, was De Bijzondere Ontmoeting. Ik leerde een dame kennen die al meer dan tien jaar mijn strijd strijdt, die ook ondanks alles wil gaan werken, die ook het sporten mist. En ze heeft een geweldig gevoel voor humor. Samen lachen we wat af met onze “galgenhumor”. Zaken vergeten en woorden verkeerd uitspreken als de vermoeidheid toeslaat bijvoorbeeld (iemand die het Allerheiligenziekenhuis weet liggen, misschien?). Ik kreeg en krijg van haar tips om ons leven zoals we het eigenlijk niet willen toch aangenamer te maken. We ontmoetten elkaar nog maar twee keer "in 't echt", maar er is een permanente sms-verbinding tussen ons. J., ik ben zo blij dat gij in mijn team zit!

Fysiek is er in 2014 niets veranderd, mentaal gelukkig wel. Ik heb nog rotdagen (gelukkig meer fysieke rotdagen dan mentale rotdagen), ik mis het werk, ik mis het sporten en ik mis een sociaal leven, maar ben er minder gefrustreerd over. De vechtlust is er nog, de boosheid is minder. Een absoluut positieve evolutie.



Beweging.

Beweging. De ontstaansreden van deze blog. 2014 zal niet meteen te boek staan als het meest actieve jaar, maar het is wel het jaar waarin ik me aangepast heb, denk ik. Ik geniet (eindelijk?) van het elektrisch fietsen en vind het niet meer minderwaardig. Wandelen is wandelen geworden en niet meer wandelen-omdat-lopen-niet-kan. Ik ging nauwelijks zwemmen in 2014, maar als ik in het water lag, zwom ik wel bewuster mijn vier lengtes. Ik probeerde Tai-Chi, helaas bleek een vol uur rechtstaan en bewegen geen haalbare kaart. Op een goeie dag ging ik ook eens mee ijsschaatsen met man en kinderen, die enkele rondjes op het ijs waren heerlijk! En, oh ja, ik heb ook nog geroeid dit jaar. Maar dat verhaal hebben jullie nog tegoed!



Blog.

De blog, tja… Ik heb ermee in de knoei gezeten. Ik  had zo weinig positiefs te vertellen en een hoopvol verhaal wou ik geven! Bovendien liet Het Lijf mij ook niet altijd toe om lang rechtop te zitten om aan de blog te schrijven. In juli postte ik nog een verslagje van begin april en toen viel ik stil. Dat stilvallen ging niet onopgemerkt, ik had blijkbaar trouwe lezers :-). Langzaamaan groeide in mijn hoofd het idee om de blog anders aan te pakken. Telkens een overzicht per maand, met foto’s en enkele puntjes die ik er uit licht. Leuker om te lezen, denk ik, en in ieder geval leuker om te schrijven! De volgende maanden zal ik nog wat verhalen van 2014 posten. Beter laat dan nooit, toch?




En nu?

Nu word het tijd om mijn eigen koers te varen. Voorlopig (!) geen behandelingen, maar ik pik wel wat mee van alles wat ik de voorbije drie jaar geprobeerd heb. Ja, drie jaar alweer, in de week tussen kerst en nieuwjaar 2011 werd ik ziek. Wat een doodgewone verkoudheid leek, was een virale infectie die een aantal processen in Het Lijf op gang bracht waar ik nu nog steeds hinder van ondervind. Dat is iets wat leerde ik van de prof van ITG. Dat mijn eigen lichaam het Epstein-Barr-virus moet overwinnen en dat ik daarvoor mijn afweersysteem moet opkrikken, dat leerde ik van Dokter D. We verschillen gedeeltelijk van mening over de manier waarop, maar dat gezonde, zuivere (geen E-nummers) voeding daar een belangrijk wapen bij is, staat ook voor mij buiten kijf. Hoe moeilijk het ook voor mij is, suiker blijft de vijand. Ik leerde het voor het eerst bij Christine Tobback en heb aan den lijve ondervonden wat het weglaten van suiker voor me kan doen. De meest zichtbare oorzaak-gevolg-actie is dat het weglaten van suiker automatisch wordt gevolgd door het wegvallen van migraine-aanvallen. Naast voeding, is ook beweging belangrijk. Het schema dat ik kreeg van de revalidatie-arts zal mijn leidraad zijn. In 2014 volgde het bewegen de golfbeweging van Het Lijf. In 2015 wil ik, ongeacht de golfbeweging van Het Lijf, van bewegen een constante maken. Naast de pijlers Voeding en Beweging is er een derde pijler die belangrijk blijft in mijn eigen koers: Rust. Ook slapen overdag, waar ik lang een ethisch probleem mee had (slapen als andere mensen werken, het idee!). Zo lang ik 's nachts kan slapen ondanks dat ik overdag slaap, heeft Het Lijf dat nodig, dat leerde ik dan weer van de huisarts. Van het ogenblik dat ik ’s nachts wakker lig, heb ik de dutjes niet meer nodig. Tot op heden zijn de dutjes helaas nog noodzakelijk… Wat de huisarts me ook al drie jaar lang op het hart drukt, is dat ik eerst mijn energie moet steken in mijn herstel, daarna in mijn huishouden en pas als er nadien nog energie overschiet, mag ik gaan werken. (Ik ben zelf nogal geneigd om de volgorde om te draaien: eerst werk, dan huishouden en als er nog iets overschiet, mijn herstel.) 


Voor 2015 heb ik maar één wens, één plan, één voornemen. Beter worden.






dinsdag 18 februari 2014

Ik en de honderdeneen, oei, honderdentwee alarmpjes...


Woensdag en donderdag zijn alweer geen dagen om over naar huis te schrijven. Buiten een wandeling van net geen 10 minuten en een bezoekje aan mijn schoonvader, kom ik niet buiten. 



Vrijdag begint goed, een prachtige zonsopgang en Het Lijf wil mee, echt zo'n dag dat me wat hoop geeft. Maar na het afruimen van de ontbijttafel stap ik in de douche en opnieuw zakt Het Lijf ineen als een pudding. De ballonnetjes met plannen die zich tijdens het ontbijt intussen in mijn hoofd gevormd hadden, spatten een na een uit elkaar. Och ja, het is wat het is... 
Ik krijg een vraag vanop het werk en daar ben ik een flink deel van de voormiddag mee bezig. Het is grote honger die me vanachter het computerscherm naar de keuken jaagt en vermoeidheid die me na het eten van de keuken naar de zetel lokt. Een boek, een dekentje en laat me hier maar even liggen! Ik zou eigenlijk beter eerst een wandelingetje maken, vaker (maar kort) bewegen had de huisarts gezegd. Het is hondenweer buiten en Het Lijf pruttelt tegen, onnodig te vertellen dat ik liever in de wereld van 100-jarige Allan Karllson vertoef! Als het boek uit is, klap ik het met een grote glimlach dicht. Wat een maf personage, die Allan.
Ik haal vlees voor het avondeten en kruip nadien weer onder mijn dekentje. It's one of those days... Met dat verschil dat we vandaag in de watten worden gelegd. Ter ere van Valentijnsdag kregen Mijne Ridder en ik van Onze Jongste een zelfgemaakte koe die hartjes sch**t. Zooo grappig! En de vriendin/chocolatierinwording stond met een luxe-chocoladepakketje voor de deur. Chocoladepralines die niet alleen lekker, maar ook erg mooi zijn. Diamants are a girls best friend, maar dit gezin maak je gelukkig met chocolade!




Na een slechte nacht lig ik zaterdagochtend om 5 uur al te wachten tot het ochtend wordt. Terwijl ik daar lig te staren in het donker, valt me wat te binnen. Natuurlijk! Toen ik zwanger was van Onze Jongste, moest ik plat liggen om een vroeggeboorte te voorkomen. Na haar geboorte had ik niks spierkracht meer, ik moest mezelf ondersteunen aan de kast om recht te komen om bijvoorbeeld iets op te rapen, mijn spieren waren helemaal verslapt. Dàt is er natuurlijk aan de hand met mij, mijn spieren zijn verslapt! Vandaar komt die zeurderige spierpijn en die stijfheid, ik heb te veel gelegen en gezeten en te weinig bewogen! Eigenlijk ben ik te veel opgeschoven naar de andere kant van de wip, dus moet ik weer wat naar het midden, een nieuw evenwicht zoeken. Van zodra de klok een aanvaardbaar uur vertoont, sluip ik stilletjes naar mijn bureau. Ik neem het rapport van de revalidatie-arts erbij en leg de puzzel.  Niet bewegen is goed voor mijn batterijtje, maar niet goed voor de rest van mijn mechaniek. Elke dag minstens 10 minuten wandelen moet haalbaar zijn, zelfs op slechte dagen. Drie keer per week plan ik een langere wandeling in, de eerste week beginnen met een “lange” wandeling van 20 minuten en nadien opbouwen. Ik maak een schema in Excel en mail het door naar de revalidatie-arts (hij zegt zelf dat hij geen arts is, maar ik blijf 'm koppig zo noemen, hihi). Het is nog maar tien voor tien in de ochtend als ik al zijn goedkeuring krijg, jeuj! Een uitgeprinte versie belandt op het prikbord, Revalidatie 5.0 is een feit (in werkelijkheid ben ik de tel al kwijt, maar vijf punt nul klinkt zo goed, niet?). Discipline en doseren, een mooie mix.
Tussen de twee ochtendlijke taxiritten deze zaterdag eens geen platte rust maar ga ik bij mijn ouders langs. En na de tweede ochtendlijke taxirit ga ik langs de bib om een deel in te leveren en nieuw materiaal uit te zoeken. Deze keer kan ik op mijn gemakje snuisteren, want Het Lijf werkt nog altijd mee. Maar ook hier discipline en doseren zodat ik bij thuiskomst na het eten kort ga rusten voor de namiddagshift start. De eerste taxirit van de namiddag wordt gevolgd door mijn eerste tienminutenwandeling van het nieuwe schema. Intussen begin ik de vermoeidheid wèl te voelen maar ik ben vastbesloten te gaan wandelen. Onze Jongste wandelt, niet helemaal van harte, met me mee. Halverwege stop ik haar de huissleutel toe en ze spurt de resterende afstand naar huis. Zij zal geen tien minuten gewandeld hebben, maar ik wel, hihi. Eens thuis ga ik eventjes een dutje doen.
Twee uur later stap ik met mijn slaapgezicht in de auto om Onze Oudste op te halen. Het dutje werd een diepe slaap van twee uur… Gelukkig staan er honderdeneen wekelijks terugkerende alarmpjes in mijn gsm! Ik ken mezelf intussen, mijn normale ik zou zoiets niet vergeten, de Epstein-Barr-versie van mezelf durft al eens in slaap vallen én heeft een geheugen als een zeef… Op de terugweg nog Mijne Ridder oppikken en dan zit de dag er eigenlijk op. We eten restjes van gisteren (het is smakelijker dan het klinkt!) en ik kijk tevreden terug op mijn dag. Ik mag dan wel twee uur geslapen hebben, mijn zaterdag verliep veel soepeler dan de vorige weken. De hele week is eigenlijk beter verlopen dan de voorgaande. Nog altijd knudde, maar beter. Hoopgevend.
En dan... kraken we eindelijk dat Valentijnspakket! Ik wéét dat ik eigenlijk niet mag, maar Reen's chocolade is zooo lekker! Ik proef kleine stukjes van verschillende pralines en geniet intens. Al bij al zal ik het equivalent van twee pralines hebben gegeten. Benieuwd of ik migraine heb morgen!



Zondagochtend staat de wekker. Maanden geleden kocht ik tickets voor Technopolis en op 1 maart vervallen ze… De kinderen kijken er al lang naar uit en dus gaan we op pad (ik zelfs zonder migraine!). Kort na opening zijn we in Mechelen. Het is er nog heerlijk rustig, we kunnen vanalles uitproberen zonder aanschuiven. Ik waag me zelfs op de fiets die 5 meter boven de grond op een kabel rijdt. Terwijl de begeleidster me vastgespt in een beveiligingspak, dwalen mijn gedachten af naar een dikke tien jaar eerder tijdens een teambuildingweekend van mijn vorige werkgever. Toen ben ik er in geslaagd om mezelf bijna op te hangen omdat mijn sjaaltje vastgeraakt was tussen de “acht” en het klimtouw en ik bij elke meter dat ik zakte mezelf meer wurgde met die sjaal. Ik, als jonge moeder van een peuter, stond te bibberen op mijn benen eens ik na de reddingsactie terug vaste grond raakte. De man die me kwam redden, reageerde laconiek: “Zo kan ik de redtechnieken die ik moet aanleren tijdens mijn opleiding eindelijk eens in de praktijk gebruiken.” Vandaag geef ik mijn sjaal netjes af aan Mijne Ridder vooraleer ik op die fiets stap en alles verloopt naar wens.
We komen alle vier ogen te kort, daar in Technopolis. Tussendoor gaan Mijne Ridder en ik al wel eens iets drinken, maar verder kan ik me die eerste twee uur behelpen met de stoeltjes die her en der bij de toestellen staan. Nadien krijg ik het moeilijker, maar omdat de kinderen zo genieten van alles wat er te beleven valt, probeer ik de vermoeidheid te negeren. ’s Middags eten we samen wat en nadien doorkruisen de kinderen verder Technopolis. Mijn batterijtje is intussen echt wel leeg, maar ik weiger naar huis te gaan. Kort bij de cafetaria is een nooduitgang met een grote glazen deur waar de zon fijn binnenvalt. Ik neem een van de stoeltjes en zet me in het zonnetje. Wat later geeft Onze Jongste aan dat het voor haar mooi geweest is en dat is het startsignaal om naar huis te vertrekken. Ik mis een stuk reisroute dus ik vermoed dat ik in de auto al geslapen heb. Eens thuis val ik als een blok in slaap tot mijn wekker af loopt om… te gaan wandelen. Jaja, ik neem revalidatie 5.0 serieus! Ik kies voor een wandeling in de vorm van een acht met twee lussen van telkens tien minuten wandelen. Als het nodig is, kan ik thuis stoppen na de eerste lus. Maar ik geniet eigenlijk van de twintigminutenwandeling. Het is dan ook heerlijk wandelweer.



Onze Jongste heeft geen school op maandag maar toch ga ik naar de Tai-Chi-les. Het is de laatste van de reeks en de dame die het organiseert, is enkele dagen geleden bij me langsgeweest om te vragen of ik me ook inschrijf voor de volgende reeks. Ik moest het antwoord schuldig blijven en daarom ga ik vandaag naar de les. Van de vijf lessen waarvoor ik me inschreef, ben ik er naar twee geweest (dit is de derde). En van die twee lessen heb ik er eentje meer op een stoel gezeten dan wat anders. Het gaat intussen beter met me dan het dieptepunt van de voorbije weken, maar ook nu moet ik regelmatig gaan zitten. Wel beginnen de bewegingen vanzelf te gaan, ik moet er niet meer zo over nadenken en er zijn momenten bij dat ik echt van deze Tai-Chi-les geniet. Heeft de lesgeefster dit gezien...? Ik weet het niet, maar het is in ieder geval zij die na de les aan het organiserende bestuur voorstelt of ik me niet per les mag inschrijven in plaats van voor de volledige lessenreeks. Ik ben wat overdonderd, ik zou het zelf nooit (durven) vragen. Ik had intussen zelf net gezegd dat ik niet opnieuw ga inschrijven omdat ik niet elke keer kan komen... Enerzijds zou het mooi zijn moest het mogelijk zijn in te schrijven per les, anderzijds wil ik niet "die uitzondering" zijn. We zullen zien, het voorstel van de lesgeefster gaat voorgelegd worden aan de voorzitter...
Na de Tai-Chi-les leg ik me bij Onze Jongste in de zetel. Ze geniet volop van haar luilekkerdagje! Na het middageten lokt de zon en trek ik mijn wandelschoenen aan. Het wordt een tienminutenwandeling met prachtig weer. Maar bij thuiskomst is de batterij meer dan plat. Ik zet alles voor het avondeten al klaar, check mijn werkmail en ga dan rusten.
Heb ik al gezegd dat ik honderdeneen alarmpjes heb staan in mijn gsm? Wel, deze week moesten dat er blijkbaar honderdentwee zijn, want ik ben onaangenaam verrast als ik na een smsje ontdek dat ik Onze Oudste moest gaan ophalen. Vergeten! Een flinke hoeveelheid cola, wat gesuikerde koeken en de auto in. Op de heenrit twee keer de bareel aan de spoorwegovergang met telkens twee treinen. Inclusief goederentrein met elfendertig wagons... Enfin, blij dat ik terug thuis ben. Koken, eten, afruimen en dan eigenlijk... gewoon wachten tot de kinderen zijn gaan slapen zodat ik ook kan gaan slapen. Slaapwel!




Kreun... De combinatie Technopolis én Tai-Chi én wandelen is precies te veel van het goede geweest. Het doet me wel beseffen dat de Lego-expo waar we graag naartoe willen, nog niet voor morgen gaat zijn… Ook mijn wishlist (= NansMetEpsteinBarrs voor to-do-list) kreunt op deze dinsdag, ik had gehoopt deze wat korter te maken vandaag, maar dat idee laat ik varen. In plaats daarvan kruip ik na het ontbijt de zetel in. Mijn Lijf is moe maar mijn hoofd draait op volle toeren, ik maak me druk over al wat zou moeten en niet kan. Een DVD-tje brengt rust in hoofd en leden.
Na de middag besluit ik toch mijn Revalidatie 5.0-wandeling te maken en kies om te voet wat fruit en broodbeleg te gaan kopen in de dorpswinkel. De trip naar de winkel verloopt prima, op de terugweg heb ik soms het gevoel dat ik aan een trektocht bezig ben. De rugzak met boodschappen weegt ongelooflijk zwaar en een "vals plat" lijkt een stevige bergop. Het hoeft niet te verwonderen dat ik blij ben dat ik thuis ben. Het avondeten maak ik alweer zittend op mijn krukje en nadien is het, net zoals gisteren, wachten tot de kinderen slapen zijn om zelf onder de lakens te kruipen. Goeienacht!


dinsdag 4 februari 2014

Zoete zondes, een aardbeidief en een crowdsurfer


Als woensdagochtend om acht uur de kinderen naar school zijn vertrokken, ga ik opnieuw even slapen. Een uurtje nog, sus ik mezelf. Uiteindelijk schrik ik me een ongeluk als ik mijn ogen terug open. Elf uur al… Douchen, aankleden, ik ben klaar voor het jonge geweld! Enfin, geweld. Er komen drie vriendjes spelen en zoals altijd verloopt dat probleemloos en zachtjes. Geen ruzies op te lossen, geen conflicten uit te vechten, niets van dat alles, heerlijk. In de loop van de namiddag neem ik de vier jongsten eventjes mee naar buiten zodat Onze Oudste wat schoolwerk kan doorworstelen. Een verplichte stop is de wei van de ezeltjes en… het Prottende Paard. Dat niet doet wat het altijd doet! Ze staat in een andere wei, zou het gras hier minder –euh- gasvorming veroorzaken…? In ieder geval, de kinderen vinden het jammer (en ik eigenlijk ook!). Eens thuis kijken ze naar een film en lees ik wat. Later smullen we nog van de heerlijke pralines van vriendin/chocolatier-in-wording…

 
Donderdag om vier uur 's ochtends zit ik aan de pijnstillers nadat een orkaan van een migraine-aanval me gewekt heeft. Het is die Zoete Zonde, die verdomde maar te lekkere chocolade... Over de rest van de dag kan ik kort zijn: slapen, rusten en medicatie. En hopelijk wat energie bijeen sprokkelen voor morgen.

Onze Oudste heeft geen school deze vrijdag. Zij is altijd de eerste die moet vertrekken ’s ochtends. Nu die tijdsdruk wegvalt, kunnen we ons in slowmodus klaarmaken. Ik breng zelfs Onze Jongste met de auto naar school, dat scheelt ook weer een half uur. Ik wil graag Onze Oudste vandaag verwennen, maar omdat iets actiefs er niet in zit, stel ik voor ergens te gaan ontbijten. Dat kan op enthousiasme rekenen! Naast het Stadhuis vinden we een tof restaurantje waar ze bagels serveren. En vers fruitsap. En croissants. En muffins. En brownies. Alles lijkt even lekker, maar na de (belegde) bagels kunnen we niet echt van honger meer spreken. Als we nu van alles de helft proeven? Zo gezegd, zo gedaan. Had ik gisteren niet iets gezegd over verdomde chocola...? De herinnering aan de migraine is blijkbaar al genoeg vervaagd, want ik stórt me op mijn helft van de warme brownie. Schandalig lekker! Na de ontbijtsessie gaan we op ziekenbezoek bij de meter van Onze Oudste. Ze was enkele dagen opgenomen in het ziekenhuis maar is gelukkig weer thuis. Haar oogjes staan nog wat flauw, verder is ze haar eigen vrolijke zelf. Helaas loopt mijn batterij onverwacht leeg en ik ben opgelucht als ik in de auto naar huis zit. Thuis linea recta naar de zetel, waar ik pas uit kom om aan het eten te beginnen. Het is deze week de eerste keer dat ik me niet dooderger tijdens het platliggen. Waarschijnlijk heeft de fijne voormiddag, waar ik ook echt voldoening aan heb, er iets mee te maken. Hopelijk volgen er vaker zulke fijne momenten!

Nog voor ik mijn ogen open, voel ik een migraine-aanval door mijn hersenpan jagen.  Die brownie, he, die brownie... Ik heb niet goed onderhandeld, ik had er twee moeten eten. Zo'n migraine voor zo'n half brownietje, dat is echt de moeite niet! In combinatie met een platte batterij belooft dit een “interessante” dag te worden. Vandaag bestaat mijn zaterdag uit het rondbrengen van mijn geliefden: Mijne Ridder naar de werf van m'n ouders, Onze Jongste van en naar de muziekschool, Onze Oudste van en naar de Tekenacademie. Tussen de vijf verschillende ritten zit telkens een uur tot tweeëneenhalf uur. Tijd die ik gebruik om te rusten en te slapen. Mijn vrienden Pepijn Pijnstiller (bij het rusten) en Lola Cola (bij het autorijden) zijn nooit ver weg. Intussen lijkt het erop dat de migraine zijn tenten definitief heeft opgeslagen net achter mijn linkeroog, ik voel het ritme waarmee het hamertje de haringen vastklopt. Tegen 's avonds overweeg ik om via mijn linkeroogkas met mijn vinger in mijn hersens te gaan roeren en die tentharingen los te rukken. In plaats daarvan kruip ik met een pijnstiller onder de lakens.


Zondagochtend timmert de migraine nog altijd verder aan zijn tentje, maar het kampvuur is al gedoofd. Toch bescherm ik mijn getormenteerde hoofd met een dikke muts, sjaal en een zonnebril vooraleer ik buiten stap. Het is schitterend weer en ik moét gewoon naar buiten, de velden lonken, het is meer dan drie weken geleden dat ik er geweest ben. Het energiepeil staat nog altijd laag, dus ik pak het verstandig aan. Ik beslis enkel de vlakke veldwegen te nemen en halverwege gewoon terug te keren. Op die manier moet ik nooit “klimmen”. Het is heerlijk buiten. Ik ben ingeduffeld als een poolreiziger, maar daarin ben ik niet alleen zie ik als een andere wandelaarster tegen kom. Wandelschoenen, dikke muts en een sjaal tot boven de neus, ze draagt hetzelfde uniform. Alleen de zonnebril heeft ze thuisgelaten. Ik ben blij als een klein kind als ik wat later met mijn enkels tot in de modder sta en de omgeving kan overschouwen. Heel even maar, dan draai ik me om en wandel op mijn eigen stappen terug. Die leiden me ook langs de wei van het Prottende Paard. Op de heenweg had ik haar niet gezien, nu wel en ze begroet me op de vertrouwde manier: met een stevige wind! Woensdag weigerde ze dienst toen ik de kinderen bij had, nu trekt ze alle sluizen open. Het is me er eentje… Even voorbij het Prottende Paard overvalt me uit het niets de vermoeidheid weer, als een loden deken dat op me wordt gegooid. Gelukkig is het niet ver meer. Eens thuis moet ik horizontaal de batterij herladen. Veel meer zit er de rest van de dag niet meer in… maar… in de loop van de namiddag trekt de migraine eindelijk weg. Hoeraaaa!

Net als vorige maandag weet ik niet goed of ik vandaag al dan niet naar de Tai-Chi-les ga. Ik besluit het nog een kans te geven en met dit sputterende Lijf een les mee te volgen. Tja, wat kan ik zeggen... Het Lijf en ik zijn lijfelijk aanwezig in de les, zoveel is zeker. Van een succes kan ik niet echt spreken, het grootste deel van de les heb ik op een stoel gezeten. Het afsluitende stuk van de les stond mijn stoel zelfs in de kring, op initiatief van de lesgeefster. Daar zit je dan, als enige op een stoel tussen allemaal dames die op papier een stuk ouder zijn dan jezelf maar wel de hele les rechtstaand deelnemen. En ik zit daar dan tussen met Het Lijf van 85 jaar. Na de les krijg ik een lift van één van de dames en we blijven een hele tijd napraten in de auto. Een dame die bruist van energie en met een gekke kronkel in haar hersenen, echt een toffe madam! Eens thuis struin ik eerst de voorraadkasten en de diepvries af op zoek naar eten voor vanavond. Ik zou eigenlijk boodschappen moeten doen… In plaats daarvan wordt het zetel, tot mijn gezin arriveert. Na het avondeten rijdt Mijne Ridder met mij naar de supermarkt. Voor de tweede keer vandaag ben ik boos op Het Lijf. Dat Mijne Ridder na zijn dagtaak nog mee boodschappen moet gaan doen terwijl ik de hele dag thuis ben, maakt me boos en opstandig. Het is helaas niet anders en gelukkig zie ik… “de aardbeidief”! Het maakt op slag mijn dag goed. “De aardbeidief” is een man die ik in de zomer aardbeien uit bakjes zag halen om de zijne extra hoog te vullen. De aardbeibakjes werden per stuk verkocht en niet per gewicht. Ik stond naast hem aardbeien te kiezen, dacht eerst dat ik niet goed gezien had, maar hij deed ongegeneerd verder. Ik was sprakeloos… Tot hij achter ons aan de kassa stond, dan kon ik het niet laten, stapte ik op hem toe en zei “Ik hoop dat uw aardbeien u smaken.” Hij bedankte me, maar later op de parking negeerde hij mijn (toegegeven: spottende) blik. Diezelfde man staat deze avond enkele rijen verder aan de kassa en ik herken hem onmiddellijk. Mijne Ridder en ik vragen ons lachend af wat hij nu gepikt zou hebben. Mijne Ridder gokt op zijn hemd dat hij in een verkeerde maat meegegrist heeft, omdat het nogal krap zit. Ik probeer een blik te werpen in zijn karretje, maar het is nogal ver. Mijn gok is dat hij een extra prei in zijn bot prei heeft gewurmd. We zullen het nooit weten, hihi.



Het is een moeilijkopstaanmoment op dinsdagmorgen. Nadat iedereen naar werk en school is, kruip ik in de zetel. Na een uur of twee horizontaal neem ik de ragebol en doe de ronde van het huis. Ik ben aangenaam verrast, het gaat beter dan de vorige keer. Mijn armen vallen er niet af, ik kan deze keer het hele huis rond en ben nadien niet perte totale. Een overwinning! Een overwinning die ik in de zetel vier met de opgenomen laatste aflevering van “2013”, want… ik mag ook niet overmoedig worden. Na het eten lokt het mooie weer me. De buurvrouw, die net buiten komt, laat al haar klusjes vallen en wandelt het korte toertje met me mee. Zoals altijd hebben we een fijne babbel.
Als ik thuiskom, laat Het Lijf me weten dat een beetje rust geen kwaad kan. Bijna twee uur later schrik ik wakker. Ik voel me beter dan voor de siësta en kan zowaar afstoffen. Het voelt opnieuw als een overwinning, ik ben er echt blij mee. Het koken verloopt vandaag op de tonen van de Saxo50 van Studio Brussel. Er zitten echt knallers van nummers bij. Even een zot danspasje met Onze Jongste en ik moet het krukje alweer bij mijn fornuis zetten. Wat headbangen op mijn krukje (niemand kan toch stilzitten bij Dog Eat Dog?!) en ik ben alweer misselijk. Grmbl. Maar dan ligt er bij het avondeten ineens een crowdsurfer op de erwtjes en dat maakt alles dan weer goed!